Kamla’s as
door Juliette Richter
Enige tijd geleden had ik de eer om een uitvaart te mogen verzorgen bij een Hindoestaans echtpaar. Deze lieve mensen werden in ’98 van huis en haard verdreven door de Taliban in Afghanistan. Kamla was ernstig ziek en had niet al te lang meer te leven. Het was hartverwarmend om te ervaren hoe betrokken vele mensen zich toonden in woord en daad. Andere vluchtelingen uit de buurt, de verpleging, maar ook de koersbalvereniging, de dominee en de huisarts. Na Kamla’s overgang werden de gebruikelijk Hindoestaanse rituelen in acht genomen. De pandit (Hindoestaanse geestelijke) wilde een vuuroffer in het kleine kamertje ontsteken, maar daar zou de brandmelder beslist bezwaar tegen maken. Bovendien logeerden zoon en dochter (uit het buitenland in het appartement), teneinde vader en moeder bij te staan in deze moeilijke dagen. Er werd de hele dag door gekookt, gezongen en gebeden. Enkele dagen later zou de crematie plaats vinden. Er werd een kleine ceremonie georganiseerd: een vuuroffer, een ceremonie met kokosnoten en aardewerk die kapot gegooid werden tijdens de gang naar het crematorium. De bloemen werden niet op de kist, maar in de kist gelegd en Kamla lag er in haar allermooiste omslagdoek prachtig bij. Naar goed Indiaas gebruik zou haar as al snel over de Ganges worden uitgestrooid. Dat betekende dat de officier van justitie eraan te pas moest komen om de as vrij te geven. Al die rompslomp valt moeilijk uit te leggen….maar ook het omgekeerde. Wat was namelijk het geval? De Hindoestaanse rituelen verbieden het dat de echtgenoot onder een dak slaapt met de as van een overledene.
Het vliegtuig vertrok enkele dagen later ’s morgens vroeg en de as moest immers mee. Zo kon het gebeuren dat de as van Kamla bij mij in het schuurtje stond. Ik had immers beloofd goed voor haar te zorgen. Samenzweerderig leverde ik ’s morgens heel vroeg de as af, die weer in het fietsenschuurtje werd gezet tot de taxi naar Schiphol zou arriveren. Ik was er trots op, met zoveel medelanders, tot het allerlaatst goed gezorgd te hebben voor die lieve Kamla.
Om shanti!
Een rokertje voor onderweg
door Juliette Richter
‘Laten we nu ook maar direct de kist sluiten’, zegt de oudste dochter tegen mij, na afloop van een drukke condoleance. De koffiekopjes rinkelen luid op de dienbladen van de medewerksters die al weer aan het opruimen zijn. ‘ Dan hebben we het maar gehad en komen er niet nog meer emotionele toestanden’ aldus haar inschatting. De hele avond stond zij fier naast haar moeder samen met haar broers en schudde de ontelbare handen. Ik kijk even naar de vrouw die net weduwe is geworden en meen een verschrikte blik te zien. Ook ik ben er niet op voorbereid om nu al tot het sluiten van de kist over te gaan. Ik besluit dan ook de sluiting toch nog maar uit te stellen. Ik zeg tegen de dochter dat ik het sluiten nu geen goed idee vindt. Ik stel voor om het morgenochtend met elkaar te doen…….na enig aandringen van mijn kant, gaan ze akkoord.
De volgende morgen heb ik het deksel en de schroeven klaargelegd als ze allemaal weer binnenschuifelen, ook de kleinkinderen kijken nog even bij opa. Het horloge wat eerst per se om moest wordt weer van de pols verwijderd. Tevreden merkt ma op dat er ook hier goed wordt gezorgd voor hem. Met een teder gebaar stopt ze het pakje shag wat nog op tafel lag in de zak van het colbert, voor onderweg. Er zijn nog mooie woorden en wensen voor de overledene. Wat later vraag ik of we over zullen gaan tot het sluiten. Iedereen is het ermee eens…een laatste aai, een snik, maar het voelt goed. Met z’n allen tillen ze het deksel op en onttrekken Pa aan het zicht. ‘Is ook maar beter nu’, zegt Ma berustend. Iedereen heeft een schroef gekregen en draait deze langzaam en aandachtig stevig vast. Het laatste wat ze kunnen doen voor Opa.
Morgen gaan ze zelf de kist dragen. De kleinkinderen tillen ook mee. We oefenen even in verband met de verschillende lengtes. De kleinkinderen dragen het makkelijkste in het midden. Ze vinden het best zwaar, maar zijn blij geoefend te hebben, want nu weten ze zeker dat ze hem morgen wel kunnen houden… Daar liggen ze niet meer van wakker. Wel vragen ze of ik dan de bloemen wil meenemen, ze hebben immers hun handen vol.